“Tijs is de mooiste baby, maar ik baal van mijn nieuwe leven”

“Ik verlang intens terug naar de periode dat Tijs er nog niet was” Laura (27) wilde niets liever dan moeder worden. «Tijs is nu een jaar oud. Klaar v

Lees ook

“Ik verlang intens terug naar de periode dat Tijs er nog niet was”

Laura (27) wilde niets liever dan moeder worden. Maar toen haar zoontje geboren was, wenste ze soms dat ze haar bevalling weer ongedaan kon maken.

«Tijs is nu een jaar oud. Als er iemand verlangde naar een kind was ik het wel. Al vanaf mijn kinderjaren was ik vastbesloten om moeder te worden en dan liefst zo jong mogelijk. Ik hoefde op straat maar een kinderwagen te zien en ik hing erboven, zo fantastisch vond ik kleine baby’tjes. Toen het moment daar was dat ik eindelijk zelf aan kinderen kon beginnen, was ik dan ook goed voorbereid. Ik heb het moederschap nooit onderschat. Ik wist dat een baby slapeloze nachten en moeilijke momenten met zich meebrengt. Maar dat ikzelf sinds Tijs’ geboorte absoluut niet zo gelukkig ben als ik had verwacht, dat valt me enorm zwaar.

Klaar voor een kind
Ik heb een gelukkige jeugd gehad, mijn ouders zijn nog samen en ik ben al vier jaar dolgelukkig met Clemens. Financieel hebben we niets te klagen. Clemens heeft een goede baan en ik runde tot mijn zwangerschapsverlof een goedlopende internetwinkel. Ons leven liep op rolletjes. We hielden van een feestje, hadden leuke vakanties, ik had mijn winkel tot een succes gemaakt en we hadden veel vrienden. We waren gesetteld, gelukkig en helemaal klaar voor een kindje. Tijs was kortom zeer gewenst.

Tijdens mijn zwangerschap besloten Clemens en ik dat ik mijn winkel zou verkopen en dat ik de eerste twee jaar thuis zou blijven, zodat we volledig voor het kindje konden gaan. Dat leek me helemaal geweldig. Gelukkig verliepen de zwangerschap en bevalling vlekkeloos. Tijs was de mooiste baby die ik ooit zag. Toen ik hem voor het eerst in zijn blauwe oogjes keek, smolt ik helemaal weg.

“Doordat Tijs veel huilde, soms wel 18 uur per dag, raakte ik oververmoeid en werd ik steeds chagrijniger”

Kon ik maar terug
Ik heb niet lang op mijn roze wolk gezeten. Doordat Tijs veel huilde, soms wel 18 uur per dag, raakte ik oververmoeid en werd ik steeds chagrijniger. Steeds vaker verzon ik uitvluchten om bij hem weg te kunnen. Voor elk wissewasje maakte ik een afspraak bij de dokter. Of ik belde mijn zus of ze de volgende dag wilde oppassen. Het gebeurde regelmatig dat ik naar mijn zoon keek en dacht: ik ben blij dat ik morgen alleen ben. Vreselijk vond ik het om dat te denken, maar het was sterker dan mezelf.

Op een gegeven moment merkte mijn omgeving op dat Tijs wel erg vaak bij familie was – omdat ik de hele dag thuis was, durfde ik geen betaalde oppas te zoeken. Toen ik eindelijk de moed verzameld had om mijn moeder eerlijk te vertellen dat ik er doorheen zat, wuifde ze mijn gevoelens weg. ‘Dat is gewoon slaaptekort, Laura’, zei ze. ‘Iedere moeder heeft het in het begin moeilijk.’ Het ging er bij de mensen om me heen gewoon niet in dat er meer aan de hand was. Door die reacties ging ik alleen nog maar meer aan mezelf twijfelen. Ik dacht: mijn moeder heeft vier kinderen opgevoed, die zal het heus wel weten. En dus vrat ik mijn frustratie op.

“Hoeveel ik ook van Tijs houd, ik verlang intens terug naar de periode dat hij er nog niet was”

Totdat ik last kreeg van angstaanvallen en huilbuien. Ik begreep er niets van en werd zo moe van mezelf dat ik mijn huisarts in vertrouwen nam. Ik dacht dat ik misschien een postnatale depressie had, maar hij zei dat daarvan geen sprake kon zijn. Ik functioneerde immers goed, keek uit naar leuke dingen doen zonder Tijs en had genoeg goede momenten. Op dat moment zei ik iets verschrikkelijks tegen de dokter: ‘Hoeveel ik ook van Tijs houd, ik verlang intens terug naar de periode dat hij er nog niet was. Naar de tijd dat Clemens en ik alle tijd hadden voor elkaar.’ Hierdoor voelde ik me enorm schuldig tegenover mijn kind. Maar volgens de dokter zou dat vanzelf minder worden als Tijs beter sliep en ik gewend was aan het moederschap. Met een eenzaam en miskend gevoel ging ik weer naar huis. Maar omdat mijn huisarts veel meer ervaring met baby’s had dan ik, kon ik me simpelweg niet voorstellen dat hij ongelijk had.

baby-huilen

Twijfels & woede
Daarna heb ik mijn huilbuien nog verschillende keren aangekaart bij mijn moeder of zus, maar ze namen me niet serieus. ‘Kraamtranen,’ zeiden ze dan, ‘het hoort erbij.’ Ik voelde me steeds eenzamer en het gevoel van schaamte werd alleen maar groter. Vriendinnen gaven soms wel toe dat ze het moederschap ook zwaar vonden, maar als ik voorzichtig hintte naar emotionele uitbarstingen of twijfels, keken ze me schaapachtig aan.

Eindelijk had ik mijn zo vreselijk gewenste kindje, maar ik was er alleen maar ongelukkig van geworden. Waarom kon ik dat continue babygekrijs van mijn bloedeigen kind niet uitstaan? Soms raakte ik al geïrriteerd als Tijs zijn flesje niet leegdronk. Dan bracht ik hem naar boven en trok ik, terwijl hij tevreden lag te brabbelen in zijn bedje, woedend alle kleren uit mijn kast. Ik begreep helemaal niets van mezelf.

Elke keer dacht ik: morgen zoek ik hulp. Maar als zo’n bui dan wegzakte, liet ik het maar weer. Zo’n psycholoog zou toch alleen maar zeggen dat ik leuke dingen moest doen. Maar dat was juist het probleem, die ruimte had ik niet meer! Of ik nam me heilig voor het onderwerp aan te snijden bij het consultatiebureau, maar eenmaal tegenover zo’n assistente van amper 18 zonk de moed me weer in de schoenen.

Natuurlijk had Clemens door dat het niet goed ging met mij. Soms stond de frustratie te lezen op mijn gezicht als hij uit zijn werk kwam. ‘Laat mij maar’, zei hij dan als ik stond te koken. Voor ik het wist, was ik dan weer woedend, vooral op mezelf. Ik kon toch zeker wel voor mijn eigen gezin zorgen? Wat was ik voor slappeling? Huilend smeet ik de volle pannen door de keuken. Ik liep vreselijk op mijn tenen. Maar wat moest ik doen? Mijn kind een maand wegbrengen om op adem te komen? Ik herkende mezelf niet. Ik, die altijd zo flink was en elk probleem in een handomdraai oploste, kon haar eigen baby niet aan. Het voelde alsof je je als jonge moeder uitsluitend rot mag voelen als er iets mis is met je kind. Bij een gezond kind móet je blij zijn. Want wie baalt er nu van haar leven met zo’n prachtig kind?

Ik ben mezelf niet
Uit angst voor mijn aanvallen probeer ik goed te slapen. In bed draag ik oordoppen en een slaapmasker. Onze gordijnen zijn afgeplakt met dekens. Gelukkig neemt Clemens me hierin serieus. Als Tijs huilt, staat Clemens op. Hij is de liefste man van de wereld. Toch vertel ik hem maar de helft. Ik zie dat ook hij op zijn tenen loopt. Als Tijs begint te snikken, kijkt Clemens me paniekerig aan. Dat komt allemaal door mij, denk ik dan. Daarom probeer ik hem zoveel mogelijk te sparen en mijn verdriet weg te slikken. Ik wil niet dat hij zich nog meer zorgen maakt. Ik voel me immens schuldig, naar hem en naar Tijs. Hij is zo lief. En wat wilde ik graag voor hem dat het anders was gelopen. Want ik ben degene die later moet zeggen: ‘Ik vond het niet leuk dat je er was.’ Dat vreet me op.

“Ik ben er geen leuker mens op geworden. Mijn humor is weg, ik verlang niet meer naar seks en ik ben kortaf”

Door Tijs’ geboorte ben ik ook zelf opnieuw geboren. En ik ben er geen leuker mens op geworden. Mijn humor is weg, ik verlang niet meer naar seks en ik ben kortaf. Het gaat wel iets beter sinds Tijs doorslaapt, maar nog steeds ben ik mezelf niet. Dankzij een cursus mindfulness accepteer ik nu wel dat hulp vragen geen schande is. Hoewel je op zo’n avond niet over je eigen specifieke probleem praat, krijg je toch handvatten aangeboden voor hoe je situaties en innerlijke conflicten kunt aanpakken. Wat ik fijn vond, was dat het een minder grote stap was dan de gang naar een psycholoog. Veel informeler. En het is een cursus in groepsverband. Iedere cursist in mijn groepje zat ergens mee, dat voelde comfortabel. Ik was niet de enige met een probleem.

Ik heb geleerd dat de combinatie van alles goed willen doen, de perfecte moeder willen zijn, en tegelijkertijd de leuke, zorgeloze Laura willen blijven, voor kortsluiting heeft gezorgd. Niemand is perfect, en dat moet ik leren accepteren. Uiteindelijk heb daarom nu toch professionele hulp gezocht. Ik gun Tijs een leukere moeder. Ik heb echt een trauma opgelopen van het feit dat ik mezelf zo ben kwijtgeraakt. Dat wil ik oplossen en ik kan het niet alleen. Overmorgen start ik met therapie bij iemand die gespecialiseerd is in hulp bij trauma’s die zijn ontstaan door of na een bevalling. Niemand in mijn omgeving weet het. Ik ben nog niet zover dat ik in mijn eigen kring durf toe te geven dat ik hulp nodig heb, en bovendien is dit iets wat ik puur voor mezelf wil doen. Ik wil de oude Laura terug.

Ook overweeg ik om toch weer twee dagen in de week aan de slag te gaan. Om dit leven weer aan te kunnen en weer iets voor mezelf te hebben. Het is niet wat Clemens en ik hebben afgesproken en ik moet de moed nog verzamelen om het hem te vertellen. Daarmee ben ik nu bezig. Ooit komt het goed.»

“Ik heb een hekel aan zijn dochter”>>

Laatste nieuws

Zie ook