In vertrouwen: ‘Mijn man wil niet meer leven, en toch ben ik gelukkig’

'Mijn man gelooft dat de wereld, net als iedereen om hem heen, beter af is zonder hem.'

Lees ook

Volgens Anita’s man Guido is iedereen beter af zonder hem. Hij deed al eens een poging tot zelfdoding. Voor haar is dat onbegrijpelijk, maar toch is ze heel blij dat ze met hem trouwde: “Het leven is echt veel leuker met z’n tweeën.”

Omgaan met depressie

“Er zijn avonden dat ik naar boven loop en zeg: ‘Als je er morgen nog bent, ben ik blij. Maar ik ga slapen’. Dat klinkt misschien raar om te zeggen tegen iemand die depressief is, maar zo is het absoluut niet bedoeld. Ik vind het vreselijk dat mijn man niet meer wil leven en moet er niet aan dénken dat hij zou kunnen wegvallen. In de loop der jaren heb ik alleen een manier moeten vinden om met zijn depressies om te gaan. Het zijn momenten waarop niets tot hem lijkt door te dringen en alles zwart is. Als ik begrip toon, duikt hij er alleen maar dieper in.

Zeven jaar geleden werden we smoorverliefd op elkaar. Na twee weken moest Guido me iets vertellen toen we op de bank wat zaten te praten. Wilden we verder gaan en werd het serieus, dan kon hij het maar beter op tafel gooien. Hij wilde eerlijk zijn. Kom maar op, dacht ik; ik was wel wat gewend. Hij vertelde dat hij een poosje antidepressiva had geslikt. En dat het op een gegeven moment zo slecht met hem was gegaan, dat hij had geprobeerd om zijn polsen door te snijden. Niet dat dat weer zou gebeuren, zei hij direct, want hij zat nu veel beter in zijn vel. Maar ik moest het wel weten. Ik vond het heel erg voor hem, maar toch schrok het me niet af. Ik was zo gek op Guido dat ik de hele wereld aankon. Wij gingen dit fiksen. We hadden het toch fantastisch samen?”

Opgekropte emoties

“Leven met deze nieuwe man overtrof al mijn verwachtingen. Totdat ik hem tegenkwam, had ik dankzij een rits slechte ervaringen totaal geen geloof in het hele concept van ‘een goede relatie’. Al had ik daar wel een lieve dochter uit overgehouden. Ik hield van flirten en aandacht, dus had ik een account aangemaakt op Tinder. Het duurde niet lang voordat ik Guido in het vizier kreeg. Hij sprong eruit omdat hij zo no-nonsense en grappig was. Niet te macho en ook weer niet te weeïg. En nog galant ook, zoals ik op de eerste date merkte, compleet met deuren openhouden en stoelen aanschuiven.

Voor het eerst voelde ik me echt vrouw bij een man. Hij liet me in m’n waarde, we waren gelijk. Heel anders dan andere mannen, tegen wie ik altijd een beetje had opgekeken. Guido was een open boek met wie ik meteen goed kon praten. Bovendien had het iets vertrouwds dat hij uit dezelfde buurt komt als ik. De eerste maanden waren een feestje, vol leuke verrassingen zoals etentjes. Dat Guido me na drie maanden al ten huwelijk vroeg was snel, maar het voelde supergoed. Dus zei ik ja.

Samenwonen zorgt ervoor dat je ook wordt geconfronteerd met andere kanten van je partner. Daarom zag ik er niet meteen kwaad in dat Guido zich af en toe een beetje terugtrok en wat afwezig zat te gamen. Maar het werd erger toen hij ineens zijn baan verloor. Die uren online had hij nodig omdat zijn hoofd zo vol zat, zei hij. Maar toen het hele dagen werden, wilde ik precies weten wat er aan de hand was en begon ik door te vragen. Hij was zó onbereikbaar. ‘Ik geloof niet dat je dit wilt horen’, zei hij eerst. Maar toen kwam toch het hoge woord eruit, in een waterval van opgekropte emoties. Dat hij zich afvroeg wat hij op de wereld doet. Dat de wereld, net als iedereen om hem heen, beter af is zonder hem. En ook dat ik maar beter op zoek kon naar een andere man.
Al met al was het volgens hem gewoon beter als hij er niet meer was. ‘Als ik morgen niet meer wakker word, vind ik het niet erg’, zei hij letterlijk. Ik was zo perplex dat ik dacht dat ik hem niet goed had verstaan, maar ik hoorde het goed. En toen drong de betekenis van zijn woorden pas echt tot me door. Alsof een bijl mijn hoofd doorkliefde. We waren zo gelukkig. Was hij dat dan niet? En was onze relatie niet goed? Ik kreeg geen antwoord. Guido zat compleet in zak en as en reageerde nauwelijks op wat ik zei en ook niet op mijn tranen. Ik begreep er niets van. We hadden zoiets moois en nu wilde hij ertussenuit. Uiteraard probeerde ik hem van het tegendeel te overtuigen. Het had geen effect. Alsof ik tegen een muur praatte.”

Gewond vogeltje

“De volgende ochtend zat ik als een gewond vogeltje aan het ontbijt. Lamgeslagen. Geen idee wat ik met de situatie aan moest en waar te zoeken naar een oplossing. Waar was ik aan begonnen? Met Guido ging het in tegenstelling tot de avond ervoor een stuk beter. Hij zag er opgelucht uit, alsof de lucht eindelijk was geklaard. Kalmer. Toen ik refereerde aan ons gesprek, merkte hij op dat hij inderdaad wat emotioneel was geweest. Hij kon zich ook niet alles meer herinneren. Bij mij dreunde de boodschap van de vorige avond nog lang door.

In de jaren daarna leerde ik dat de gevoelens van mijn man geen tijdelijke impasse waren geweest. De negatieve gedachten in zijn hoofd gaan niet weg. De ene dag gaat het beter dan de andere. Het scheelt dat ik nu weet dat zijn slechtste momenten vaak een opbouw kennen. Vaak zijn er triggers die zorgen voor de neerwaartse spiraal die hem in de put brengt. Een oproep van het UWV bijvoorbeeld. Gelukkig gaat het daarna weer beter – tot de volgende keer zich aandient.”


“Guido heeft vroeger medicatie geslikt, maar is daarna nooit verder gemonitord. Toen ik voor het eerst aan den lijve had meegemaakt hoe slecht hij zich kan voelen, leek het me verstandig dat hij hulp zou zoeken. Voordat hij eindelijk bij een psychiater zat, waren er maanden verstreken. Niet dat het veel nut had: hij ging er alleen heen als hij in een goede flow zat en nooit als hij zich vreselijk voelde. Bovendien praat hij hulpverleners naar de mond. Moet er een dagboek worden bijgehouden, dan doet hij dat keurig. Een week. Echt verder zijn we in de loop der tijd niet gekomen. Hopelijk doen de medicijnen die hij sinds kort slikt iets.

Het lastige aan mentale problemen is ook dat de buitenwereld er soms zo weinig van begrijpt. Sommige mensen vinden dat hij gewoon zijn leven moet oppakken. Was het maar zo simpel. Als ik Guido’s situatie wil uitleggen, gebruik ik vaak een metafoor. Net zoals een te magere anorexiapatiënt zichzelf te dik vindt, denkt mijn man dat hij er niet mag zijn, terwijl hij geliefd is door zijn omgeving. Iemand met anorexia is doorlopend bezig met gewicht en eten; mijn man met de vraag hoe hij iedereen het best kan achterlaten.”

Fijn thuiskomen

“Voor mensen zoals ik is er amper hulp. Ik heb meerdere keren gesproken met maatschappelijk werkers, maar ze komen niet verder dan het advies om te blijven luisteren naar zijn verhaal en er vooral niet in mee te gaan. Dat is het. Bang dat hij weer een poging zal doen om zichzelf van het leven te beroven, ben ik niet. Dat was in het begin wel anders. Op een van zijn slechtste momenten checkte ik hem wel vijf keer per nacht omdat ik ’t niet vertrouwde en mezelf ervan wilde verzekeren dat hij echt niks probeerde. Inmiddels weet ik gewoon dat hij het niet doet. Dat het niet mag van mij weerhoudt hem. Maar had hij toestemming, dan zou hij geen moment aarzelen.

Het is een besef waar ik zo nu en dan echt moedeloos van word. Ik ben ontzettend positief en begrijp er niets van dat iemand zich zo kan voelen. We hebben nog steeds veel mooie momenten samen. Avonden bij de open haard waarop we urenlang kletsen en lachen. Samen op pad. Als we toeren in ons campertje heeft Guido het net zo naar zijn zin als ik. Dat hij als hij moest kiezen voor zo’n geluksmoment óf een pil waarmee alles direct ophoudt, toch voor het laatste zou gaan, vind ik onbegrijpelijk. Op die momenten zelf voelt hij zich goed, maar het lukt ’m alleen niet om dat geluk vast te houden.

Ondanks alles geniet ik volop van het leven. Sterker nog: ik ben zielsgelukkig. Voor een groot deel komt dat door mijn man. Vroeger moest ik bijna overgeven als mensen het hadden over hun soulmate. Als ik vroeger zag dat mijn vriend al thuis was als ik de straat in draaide, maakte ik het liefst rechtsomkeert. Bij Guido wil ik altijd thuiskomen. Ik ben blij dat ik een relatie met hem nooit uit de weg ben gegaan. Voor het eerst vind ik het leven echt veel leuker met zijn tweeën. Waarschijnlijk is dat ook de reden dat ik de dieptepunten op de koop toe neem. En het heeft ook een andere mooie kant: nu kan ik aan mijn dochter laten zien dat goede, liefdevolle relaties wel degelijk bestaan.”

Bron: Marie Claire (Marjolein Straatman) | Beeld: iStock

Laatste nieuws

Zie ook